Impressies van de WOMEX 2015 Jair Tchong - zaterdag 24 oktober, 2015

ethiopia
Filmmaker Joaquin Pineiro (rechts).

Niet eerder was er vooraf zoveel discussie over nut en nadeel van de jaarlijkse wereldmuziekconferentie WOMEX. Met extreem-rechts in de regering en mensonterende toestanden aan de grenzen van Hongarije had het vooraf ook wel iets ironisch, om een viering van multiculturaliteit - ik schrijf dit woord met trots en zonder enig voorbehoud - te organiseren onder dergelijke omstandigheden.

De discussie liep op facebook al snel uit de hand (facebook is naast een handig medium voor het uploaden van kattenfoto's vooral ook een snelkookpan, waarin mensen eerder iets liken en sharen, dan werkelijk overdenken). Een klassieke kwestie: boycotten of in gesprek blijven? Direct verkondigden bekende 'Womexicans' (interne koosnaam voor Womex-delegates) met enige ponteneur aan dit jaar niet te gaan uit protest, daarmee vooral hun eigen morele voortreffelijkheid etalerend.

Ik moet toegeven dat ik dit jaar zelf ook onbehaaglijk lang heb getwijfeld of ik wel moest gaan. Een wijze vriendin vroeg door naar mijn eventuele motivatie om niet te gaan en dat hield al snel geen stand. Inderdaad: ook hier was ijdelheid en zelfoverschatting de enige reden om niet te gaan ('dat zal ze leren, daar aan de Donau!').

Dus daar zit ik dan, aan de Donau, met uitzicht op het beroemde Gellert hotel en bad. Heel blij dat ik hier weer ben, want better to team up with those who matter, dan een welbeschouwd tandeloos protest door thuis te blijven. Een grappige middenweg koos overigens het European Forum for Worldwide Music Festivals (EFWMF), een Europees samenwerkingsverband van wereldmuziekfestivals. Doorgaans aanwezig met een flinke kraam op de markt; dit jaar in vorm afwezig: over drie kramen hangt slechts een spandoek met een tekst. Dit terwijl vrijwel alle actieve EFWMF-leden hier gewoon rondlopen. Handig: zo heb je én het morele statement, én de praktische werking van Womex-bezoek. Het lijken wel Nederlanders!

Genoeg over politiek, dat tijdelijke verschijnsel. Hier gaat het om muziek, soms van eeuwigheidswaarde. We zagen al twee erg fraaie films (het muziekdocumentaire programma wordt ieder jaar beter) en tot nu toe zag ik delen van zeven showcases. In stenostijl wat persoonlijke impressies.

films

Armenia by the Grace of God (Vincent Moon)
Armenië geldt als een muzikale grootmacht; deze voice-overloze (prettig!) film brengt prachtig in beeld hoezeer in dit tragische land alles verbonden is met muzikaliteit.

Roaring Abyss (Joaquin Pineiro)
Verplichte kost voor zij die iets denken te weten over Ethiopische muziek. Deze jonge Spaanse regisseur schoot uniek materiaal en monteerde het tot een tour-de-force van Abessijns elan. Traditionele muziek klonk en oogde nog nooit zo funky. De film bevat zelfs nieuws, want die aanname onder schrijvers over Ethiopische muziek (alle goede muziek verdween onder het regime van Mengistu) wordt gelogenstraft met schitterende fragmenten van de fanfare van Harare - alive and kicking.

showcases

Cucurucho (Cuba)

Dodelijk saai gebrachte Cubaanse traditionele muziek zonder enige urgentie. De trompettist Julio Padrón staat onder kenners bekend als de dichter onder de Cubaanse trompettisten, maar was wegens een slechte geluidsmix vooral onhoorbaar.

Rancho Aparte Chirimia (Colombia)

Feestelijke muziek die ritmisch deed denken aan merengue. Hevige klarinetten vergroten de feestvreugde, maar één der zangers rekt de grenzen van het begrip 'nicely out of tune' op onnavolgbare wijze op. Ideale festivalband.

A-Wa (Israël)

Onmogelijk om niet aan Balkan Beat Box te denken. Drie zangeressen zingen bloedmooi over een bedding van ska/reggae achtige grooves, ook in het Arabisch. De zang maakt dit meer dan effectbejag. Zou wel eens groot kunnen worden.

Iberi (Georgië)

Typisch een showcase die je niet eenvoudig elders kunt zien, zeker met de sluiting van het Amsterdamse Tropentheater in gedachten. Vocaal septet uit Georgië, puur traditioneel zonder enige poging tot vermodernisering, maar juist daarom zo diep en overweldigend. Mij deed het denken aan Hilliard Ensemble, maar waar die Britse groep een academische, bijna wetenschappelijke zuiverheid bereikt, zingt deze groep veel rafeliger en grofkorreliger, en daarmee bereikt men iets eenvoudiger ook het gemoed.

Moh ! Kouyaté (Guinée/Frankrijk)

Afropop. Zoals r'n'b-zangeressen hun stinkende best moeten doen om op te vallen in een mer à boire, geldt dit ook voor dit type van afropop. Het swingt, het is strak, de lead gitarist heeft zeker een eigen geluid, maar het ontbeert de originaliteit en overtuigingskracht van Vaudou Game (die op donderdagavond één van de beste showcases gaf die ik ooit op Womex zag, maar die al eerder in Nederland te zien was).

Kachimba4 (Japan)

In Japan doet men ook aan latin muziek. Bizarre exotica van het slechtste soort en zelfs als camp te slecht. Blamage voor Womex en een belediging voor iedere liefhebber van latin muziek.

Alicia Jaggasar & Los Alumnos de San Juan (Trinidad/Tobago)

Steelpan, theekistbas (en elektrieke bas) en vooral: heel veel ruimbejurkte zangeressen. Dit had wel wat, hoewel ook niet heel ver van camp en/of toeristische muziek - onwillekeurig dachten we hierbij ineens aan die legendarische tv-reeks Loveboat.

Laat me besluiten met het nieuws dat de legendarische producer en uitstekende schrijver Joe Boyd in goede doen aankondigde binnenkort dan echt eindelijk met zijn magnum opus over wereldmuziek te komen. We kijken er naar uit, want 's mans White Bicycles - Making music in the sixties smaakt naar meer en stopt helaas, nog voordat Boyd kan vertellen over zijn pionierswerk met zijn wereldmuzieklabel Hannibal Records.

Op naar de laatste dag, avond en nacht.


meer blogs
Ton Maas - 28 augustus, 2022
Ton Maas - 3 september, 2022
Ton Maas - 29 augustus, 2022
Ton Maas - 22 augustus, 2022
Ton Maas - 13 augustus, 2022
Ton Maas - 1 augustus, 2022
Ton Maas - 31 juli, 2022
Ton Maas - 18 juli, 2022
Ton Maas - 17 juli, 2022
Ton Maas - 3 juli, 2022