Een kogel voor een volkszanger Bram Posthumus - dinsdag 2 september, 2014

Drie jaar geleden interviewde ik de gitarist van de reünieband Conjunto Angola 70. Hij noemde de artiesten met wie hij gespeeld had in het Luanda van de jaren ’60 en ’70 toen de Angolese muziek een groeispurt van jewelste doormaakte. ‘Ik speelde onder meer met Urbano de Castro’, vertelde hij. ‘Dat was echt een zanger van het volk.’ Over wat er met Urbano gebeurd was viel verder niet te praten. De gelegenheid was er niet voor en de omgeving ook niet, een drukke kleedkamer in het Amsterdamse Tropentheater. 

Maar zelfs op een rustiger plek zou hij er waarschijnlijk over gezwegen hebben. Want de moord op Urbano de Castro en zijn collega’s David Zé en Artur Nunes in mei 1977 is pijnlijk voor een muzikant die ze gekend heeft. Het is ook een taboe, opgelegd door de Angolese regering. Hun muziek wordt niet gespeeld en hun namen zijn, volgens goed eenpartijstaatgebruik, uit het openbare leven weggemasseerd. Toch leven ze voort, in de koppen van mensen als Carmoto en Fransisco, informanten in het boek dat de Britse journaliste Lara Pawson schreef over die ene dag in mei 1977, toen er heel even revolutie gloorde.

 

‘De mensen zongen hun nummers.’

‘Die zangers waren allemaal voor de opstand.’

 

Op die ene dag in mei 1977 dachten mensen dat ze bevrijd zouden worden van hun hoogst intolerante regering. 

http://www.amazon.co.uk/In-Name-People-Forgotten-Massacre/dp/1780769059

Het duurde enkele uren. De volgende dag al kwam de repressie. Duizenden werden opgejaagd en doodgeschoten, onder wie de Castro, Zé en Nunes. Een andere jonge artiest (ooit ook te zien in het Tropentheater), Waldemar Bastos, vluchtte het land uit. En sindsdien is er van oppositie in Angola eigenlijk geen sprake meer. Zo grondig is de herinnering uitgegomd, dat maar weinigen weten wat zich op 27 mei 1977 in hun land heeft afgespeeld. Het boek is een poging dat gat op te vullen; twee compilaties doen hetzelfde. 

Alle drie schitteren op de compilatie Soul of Angola, die dertien jaar geleden uitkwam. Recenter zijn de twee CDs die Analog Africa uitbracht, in parallel met de hereniging van die Angolese veteranen in Conjunto Angola 70. En ook toen waarschuwde Analog Africa oprichter en schatgraver Samy Ben Rejeb me al voor het zwijgen over mei 1977. ‘Ze weten natuurlijk wat er gebeurd is maar niemand praat erover.’ Ook Rejeb heeft hun muziek op zijn compilaties gezet - Angola Soundtrack1 en 2. Hier zijn de links. 

http://analogafrica.bandcamp.com/album/angola-soundtrack-the-unique-sound-of-luanda-1968-1976

http://analogafrica.bandcamp.com/album/angola-soundtrack-2-hypnosis-distorsions-other-sonic-innovations-1969-1978

http://www.allmusic.com/album/soul-of-angola-anthology-1965-1975-mw0000014973

Boeken en muzikale compilaties. Het zijn waardevolle wapens in de strijd tegen vergetelheid, en al helemaal als die door een regeringsmacht wordt opgedrongen. In de geest van deze drie heeft zich inmiddels in Angola een hele tegencultuur aangediend. Geen lieflijke gitaren meer maar de snoeiharde elektronische beats van de kuduro. Zeker, een flinke berg ervan is amusementsmuziek maar titels als Angolano, Abre Olho (Doe je ogen open, Angolees) zijn duidelijk genoeg. 

Helemaal aan het front staan rappers als Ikonoklasta, die met zijn scherpe teksten de vele leugens van de regering aan flarden snijdt. Als beloning krijgt hij geen kogel zoals zijn zingende voorgangers; hij wordt wel bedreigd of afgetuigd. In sommige contexten heet dat vooruitgang. 

 


meer blogs
Jair Tchong - 18 september, 2017
Mattie Poels - 12 september, 2017
Mattie Poels - 5 september, 2017
Ton Maas - 3 september, 2017
Jair Tchong - 31 augustus, 2017
Ton Maas - 26 augustus, 2017
Jair Tchong - 3 augustus, 2017